RB 9 Autour de la jeune Dyle et de ses affluents

RB 9 Brabant-Wallon: Bousval – Sclage – La Motte – Basse-Laloux – Tangissart
(GR 121 & 126) – Luswandeling:  20,5 km (407↑HM)
Wandeling 9 Topo-gids RB Brabant-Wallon 2010 (ingekort)
Datum: di 25 feb 2020
Weer: wisselend bewolkt met zon, zwaarbewolkt met felle regen, wind, 7°C
Wandeltijd: 10.35 – 16.05
Stilte: 3/5

Bousval01

Februaristormen

Dat het misschien niet mijn beste idee was om in dit regenseizoen aan deze RB te beginnen, kon ik ’s morgens nog niet weten. Ik had ’s avonds laat nog getwijfeld tussen 2 wandeldoelen. Enfin, mijn trein naar Leuven heeft 14(!) minuten vertraging maar er blijft nog net genoeg tijd voor de trein naar Ottignies. Daar stap ik over op de met graffiti besmeurde boemel naar La Roche en Brabant waar ik iets na half elf als enige uitstap.

Ik heb weerom de track vanuit de topogids uitgetekend op Basecamp en hem opgeslagen op mijn smartphone; mijn trouwe Dakota-wandel-GPS heeft de geest gegeven. Ik zou wel een afkorting inlassen en in een 8 lopen zodat ik tweemaal langs het officiële vertrekpunt zou passeren: de hall Omnisports van Bousval, zonder op dat moment te weten of het café wel open was. Het begin van de tocht verloopt net even anders als het parcours van GR 121 dat ik ken van vroeger. Ik steek de Thyle over en de N275 om hogerop een baantje te kiezen waarvan een aarden weg aftakt, de steile helling op. Het zonnetje schijnt, de lucht is blauw en de eerste struiken dragen bloempjes.

Het is wel even schrikken als ik de ravage zie bij de holle weg die ik moet volgen: overal liggen bomen over het parcours (zie foto boven) of hangen vervaarlijk schuin, klaar om te vallen. Het is me dan ook wat geweest de voorbije weken.

Voor de wandeling van vandaag heb ik (volgens de voorspellingen) de minst slechte dag van de week gekozen! Behoedzaam beklim ik de holle weg om boven aan te sluiten op het parcours van GR 121. Op de vlakte boven ontwaar ik in de verte een opvallend witte kapel.

De GR draait evenwel rechtsaf en begint wat later aan een lange afdaling op een steeds smaller wordend bospad. Links zijn buitenlandse arbeiders bezig in ofwel een boomgaard ofwel een wijngaard.

Glijdend en slibberend door het slijk kom ik beneden uit op een asfaltweg naar Bousval en laat mijn getekende track voor wat hij is; ik volg verder de GR-tekens naar het smalle wandelpad langs de Dijle. Foei, wat een rioolstank! Zoals wel vaker in België worden beken en rivieren nog steeds als open riool gebruikt, ondanks dreigende Europese boetes waar blijkbaar onze autoriteiten niet bang voor zijn. 

Stinkende Dijle in Bousval

Ook hier langs het kasteelbos sporen van de voorbije stormen. Bij een bordje ‘taverne’ steek ik de Ravel naar Nijvel over om de sporthal te bereiken. En jawel, het café op de eerste verdieping is open. Ik word er hartelijk ontvangen door de cafébaas en zijn enige klant op leeftijd die ronduit vraagt naar mijn wandelplannen en helemaal niet onder de indruk is van mijn geplande 20 km: hij deed er vroeger 50! De cafébaas knipoogt en brengt me mijn bestelde koffie terwijl ik me verontschuldig voor de vuiligheid aan mijn wandelschoenen en mijn getten aantrek.

Na de koffie kom ik bij de kerk van Bousval op het traject van GR 126 en loop de heuvel op, onder de luidruchtige N25 (viervaksbaan) door tot op het plateau. De wind blaast gelukkig in de rug en ik geniet van het spel van zon en wolken terwijl ik het autogeraas achter me laat. En jawel: opnieuw hoor ik een leeuwerik (zie vorig verslag).



Vanop de kam ontplooit zich een lieflijk golvend landschap met enkele witte hoeves en villa’s in het dal verderop. Ik daal af in het derde dal van de dag, dat van de Cala.

In Sclage

Vóór ik helemaal beneden ben, zeg ik gedag tegen GR 126, maak een scherpe rechtse hoek en beklim over een kasseiweg opnieuw de helling die ik zonet afgedaald ben. Terug boven in het gehucht Sclage (veel nieuwbouw maar ook enkele schitterende historische panden), moet ik een smal pad volgen naast een huis in opbouw. Dit pad kronkelt steil de helling af naar de bodem van de Cala-vallei, een wat je noemt technische afdaling!

Beneden kruis ik een weide en kom op een asfaltweg die ik maar eventjes volg. Mijn track stuurt me al vlug het broekbos in, over een betonnen bruggetje. Her en der liggen houten schijven om de voeten toch enigszins droog te houden maar het water en de modder zijn overal. Ik word intussen horendol van het steeds weer moeten bovenhalen van de smartphone, het ontgrendelen en het wachten op beeld. Oh wat mis ik mijn Dakota die ik zo handig aan een clip had hangen aan het borstriempje van de rugzak!!!

In het broekbos van de Cala

De helling achter het broekbos is zo mogelijk nog steiler maar verandert nu in een statig beukenbos. Er moet dus wel ergens een château in de buurt zijn (Chât. de Palande) maar zo ver kom ik niet. Op de top volg ik een oostelijke koers naar het gehucht Wanroux. Nu moet ik kiezen. De volledige route loopt naar het Château; ik kies de asfaltweg rechtdoor en in dalende lijn naar het gehucht La Motte en de imposante Ferme de la Motte (met visvijvers). De keuze voor die afkorting zal me nog van pas komen want zoals zo vaak zit het venijn hem in de staart.

Ferme de la Motte

Bij de brug over de Cala blijkt een griezelhuis chambres d’hôtes aan te bieden… Geleidelijk klimmend verlaat ik La Motte en kom voorbij het laatste huis op een veldweg naar het plateau. De zon is intussen niet meer te zien en er komen dreigende wolken opzetten. Boven in de velden moet ik nog vóór de eerste huizen linksaf door open terrein een ondergrondse elektriciteitsleiding volgen om dan weer in een scherpe hoek rechtsaf te slaan naar het begin van een woonwijk. Nogal wat mensen die hun hondje uitlaten, kap ver over het hoofd tegen de harde wind. Een holle weg, gemarkeerd als Promenade de Bousval, duikt de helling af naar de N25. Ook hier omgevallen bomen en een bijna geknapte elektriciteitsleiding.

Voorbij het tunneltje onder de N25 heeft mijn GPS-functie het weer even moeilijk. Ik mag niet de weg volgen maar moet een trapje op naar het hoger gelegen veld en daar een zompig, nauwelijks zichtbaar pad volgen dat naar een bosrand klimt. Daar daalt een holle bosweg met opnieuw veel afgewaaide takken naar een grote boerderij dicht bij de N25. Terwijl de hemel steeds dreigender wordt, daal ik een betonweg af naar de N237. Het begint te regenen wanneer ik eerst de Ravel oversteek en dan de Dijle. In de gietende regen kom ik terug uit op het traject van daarstraks en nagestaard door een soortement robot ploeter ik terug naar de Hall Omnisports.

Druipnat kies ik voor het eerste tafeltje om de patron niet te veel kuiswerk te bezorgen. Hij beveelt me een heerlijk en voor mij nieuw biertje aan (tweede zonde tijdens mijn tournée minerale maar pssst…) en ik mag probleemloos mijn boterhammetjes eten. Wanneer ik vertrek, schijnt de zon weer maar het is flink afgekoeld (nog 4 graden).

Eventjes lopen GR 121 en 126 gelijk en op de splitsing ervan loop ik even verkeerd – opnieuw mis ik mijn Dakota. Na 500 m neem ik midden in het bos afscheid van GR 121 en loop rechtdoor een zoveelste holle weg in, weg uit de Dijlevallei.

Boven in het gehucht Hattain volg ik even een verkeersweg richting Tangissart maar daal dan steil de heuvelkam af naar de Ri d’Hé. Die paar huiseigenaars hier wonen weliswaar idyllisch maar probeer hier het vocht maar eens buiten te houden! Aan het laatste huis steek ik de beek over en loop het bos in.

Het wordt griezelig donker en begint lichtjes te regenen. Eerst is het paadje langs de beek nog begaanbaar maar dan loopt het dood op de sterk gezwollen beek. Er is geen weg omheen en mijn GPS-kaart biedt ook geen uitkomst. Terug dan maar en de beek over via een betonnen bruggetje om via een draaipoortje een schapenwei in te lopen.

Aan de overkant van de wei loop ik via een  kantelpoortje terug het bos in naar de beek. Een sterk aflopend pad volgt op enige hoogte de beek die overal overstroomde vijvertjes heeft gevormd. Heel mooi maar ik kom nauwelijks vooruit en vrees voor mijn tijd. De kans om uit te glijden en in het water terecht te komen is reëel. Een brug over het water is veiligheidshalve weggetrokken en ik moet opnieuw goed rondkijken om te zien hoe het verder moet.

Langs de schuine helling en vervolgens op de dalbodem door het slijk. Aan de voetstappen te zien, is hier nog volk gepasseerd. Door enkeldiepe smurrie sop ik tussen de boomstammetjes langs het snel stromende water. Het houdt niet op. Eigenlijk is dit enkel te doen met rubberlaarzen (geen woord daarover in de topogids!). Behoorlijk vermoeiend ook want je mag geen fouten maken.

Ik kruis GR 126 – wie hem gelopen heeft, zal zich dit natte stuk tussen Bousval en Villers-la-Ville herinneren. Maar waar de GR drogere grond opzoekt, moet ik verder langs de beek. Opgelucht bereik ik na veel geploeter drogere grond en het troosteloze gehucht Tangissart.

De lucht is nog steeds zwaarbetrokken maar het is droog. Ik passeer het enige café van het dorp dat tot mijn verrassing open is (in tegenstelling tot de info in de topogids) maar ik heb geen tijd. Geen zin om op het tochtige perron van La Roche een uur op de volgende trein te wachten. Ik steek de Thyle over, de N275 én de spoorweg om parallel met de sporen een hoger gelegen maar toch ook modderig paadje naar La Roche te volgen. In het enige schuilhokje op het perron vind ik beschutting tegen de volgende stortbui die is losgebarsten. Gelukkig laat de trein maar een kwartiertje op zich wachten.

In Ottignies staat de trein naar Leuven gelukkig al op het perron zodat ik in de warmte kan wachten op het vertrek. Via de app van de NMBS zie ik dat mijn volgende trein in Leuven 20 minuten vertraging heeft zodat ik die ook nog haal. Veel passagiers zijn er niet gerust in want volgens de aanduidingen in de trein gaat deze naar Brussel i.p.v. richting Antwerpen. Pas kort voor vertrek wordt de juiste bestemming aangeduid en meteen ook de reden voor de vertraging omgeroepen: persoonsongeval in Kortenberg waardoor het treinpersoneel niet tijdig op zijn bestemming geraakt is. Iemand moet toch eens kritisch onderzoeken waarom er zoveel persoonsongevallen zijn nabij de psychiatrische centra van Kortenberg en Duffel… – ik denk er alvast het mijne van; en het ligt niet aan de patiënten. 

En nu ga ik mijn schoenen kuisen. Samengevat een heel toffe luswandeling maar doe ze in een beter seizoen, bv. op een mooie lentedag – ik zag trouwens het eerste speenkruid bloeien en dat in februari!

P.S. Via reacties op Facebook heb ik intussen vernomen dat de vijvertjes langs de Ri d’Hé gemaakt zijn door bevers.

Mijn Track                       Mijn Foto-album

5 Reacties op “RB 9 Autour de la jeune Dyle et de ses affluents

  1. onderweg met Willem

    Mooi modderverhaal. Wat zijn ‘getten’?

  2. Wat een avontuur ! Op dit jaar weinig wandelingen voor ons, vanwege het weer elke zondag 😦

Geef een reactie - Freue mich auf Kommentar

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.